Voorbeeldteksten voor gedenkmonumenten, urnen en grafstenen

Voorbeeld teksten voor gedenkmonumenten, urnen en grafstenen

Op deze pagina vindt u teksten als inspiratie voor het plaatsen van een bijzondere tekst op bijvoorbeeld een gedenkmonument, urn of grafsteen.

  1. Aan een tere draad van tranen, rijg ik stil de maanden van gemis...
  2. Aan mijn beminde...
  3. Aan mijn betreurde...
  4. Aan mijn lieve...
  5. Aan ons lief dochtertje (zoontje)
  6. Aan onze beminde...
  7. Aan onze betreurde
  8. Aan onze lieve...
  9. Ach, niets is mij gebleven, jij was mijn ziel, mijn leven
  10. Ach, wie zal onze tranen drogen, zijn beeld staat altijd voor onze ogen
  11. Achter mijn stil verdriet glinstert nog steeds iets van uw schoonheid
  12. Achter tranen van verdriet, schuilt de lach van de herinnering
  13. Afscheid is terugblikken op mooie momenten
  14. Afscheid nemen en scheiden, zijn dingen die door ’t hart snijden.
  15. Afscheid nemen is het moeilijkste in het leven, men leert het niet, men begrijpt het nooit
  16. Afscheid nemen is met zachte vingers dicht doen wat voorbij is en verpakken in goede herinneringen.
  17. Al onze zorgen, al onze liefde, hebben u aan de dood niet kunnen ontrukken
  18. Al wat de liefde kan schenken, een bloem, een traan, een gedenken
  19. Al wat de vriendschap kan aanbieden, een bloem, een traan, een gebed
  20. Al wat de vriendschap kan aanbieden, een bloem, een traan, een gedenken
  21. Alle goedheid, alle genegenheid, bouwt eeuwigheid
  22. Alleen wie achterblijft weet hoe afscheid klinkt
  23. Alles vergaat, alles verdwijnt, behalve het aandenken
  24. Als de draad wordt doorgeknipt voel je pas de diepte van verbonden zijn
  25. Als een zon die ondergaat, zo ben je van ons heengegaan
  26. Als elke druppel kon zeggen hoezeer we je missen, dan regende het elke dag
  27. Als ik verdriet heb en geen raad meer weet, denk ik aan al het goede dat je voor mij deed
  28. Als je de moed opgeeft, vergeet dan niet: de herinnering leeft
  29. Als je door de nacht gaat zonder één ster, denk er dan aan dat boven de wolken iemand naar je glimlacht
  30. Als je hielp waar je kon, aan wat warmte en wat zon, heb je niet voor niets geleefd.
  31. Als je sterft verdwijn je niet, want zoveel herinneringen blijven, ook na de tijd van verdriet
  32. Als liefde en herinneringen een brug konden bouwen, dan klommen we naar de hemel en brachten je terug
  33. Als vrienden gingen we door ’t leven, als vriend blijf je (bij ons) leven
  34. Als we naar de sterren kijken zullen we aan je denken, en van hieruit alle liefde naar je wenken
  35. Altijd actief, volop in het leven. Steeds positief, altijd alles gegeven
  36. Altijd samen, nooit alleen, onafscheidelijk, altijd één.
  37. Bedankt voor je liefde, zorgen en trouw. We blijven in gedachten eeuwig bij jou
  38. Belangrijk is niet alleen de weg die je gaat, maar ook de sporen die je achterlaat
  39. Bewaar een woord voor mij in de stilte van de dood, wees goed voor elkander
  40. Bij elk afscheid wordt een herinnering geboren
  41. De aarde verbergt je, maar in mijn (ons) hart blijf je voortleven
  42. De aarde verbergt U, maar in mijn verbeelding zie ik u altijd
  43. De band is zo sterk, het afscheid zo moeilijk.
  44. De droefheid leert ons wat de vreugde waard is
  45. De goede herinneringen aan jou verzachten de pijn
  46. De goedheid van een vader is hoger dan een berg, de goedheid van een moeder dieper dan de zee
  47. De hemel heeft er een mooie ster bij, en dat ben jij
  48. De herinnering blijft zoals je was, in eenvoud sterk en groot
  49. De herinneringen aan jou weerspiegelen je leven
  50. De jaren gaan voorbij, de herinnering blijft
  51. De lege plek, het doet zo’n pijn, maar in gedachten zal je altijd bij ons zijn
  52. De mooiste bloemen bloeien vaak in het verborgene
  53. De nacht wisselt met de dag, het licht met de duisternis, maar de herinnering aan jou blijft
  54. De pijn om het verlies zal blijven, ook als heel het land in maart en mei opnieuw in bloei zal staan
  55. De stilte die je achterlaat is groot, maar in ons hart blijf je leven
  56. De tijd gaat voorbij, de herinnering blijft
  57. De vreugde die je in ons leven bracht zal altijd bij ons blijven.
  58. De vriendschap verenigde ons, de dood scheidt ons, God zal ons opnieuw verenigen
  59. De wereld was mooi toen jij er nog was
  60. De zon die jij bracht in ons leven zullen wij nooit vergeten
  61. De zon ging onder voor het avond werd
  62. Diep betreurd.
  63. Dikwijls zal ik op deze koude aarde, dicht bij u komen wonen
  64. Dikwijls zal ik op deze koude stenen bij u komen wenen
  65. Dood maar niet vergeten.
  66. Door mijn tranen heen lijkt alles wazig, scherp blijft het profiel van jou
  67. Door pijn en smarten ben je bezweken, maar door ons nooit vergeten
  68. Dwars door de stille leegte klinkt de echo van jouw lach
  69. Een bijzonder mooi en rijk leven is plotseling afgesloten
  70. Een bloem (roos) voor elke dag
  71. Een boek, zo groot, zal nooit bestaan, om te beschrijven wat jij voor ons hebt gedaan
  72. Een dankbaar hart is onvergetelijk
  73. Een gulle lach, een traan... Aardse bewijzen van je blijvend voortbestaan
  74. Een hart van goud vol goede gaven ligt hier zacht en stil begraven
  75. Een lichtje zal er altijd zijn en dat ben jij. Je hoort er voor altijd bij
  76. Een lichtje zal er altijd zijn, en dat ben jij. Je hoort er voor altijd bij.
  77. Een stoel blijft leeg, een stem blijft zwijgen, maar in mijn hart zal je altijd blijven
  78. Een vader is vaak een rots in de branding, altijd sterk en altijd paraat, daarom is het best moeilijk dat hij ons voorgoed verlaat
  79. Een vriend sterft niet, hij leeft voort in het hart van zijn echte vrienden
  80. Eens was je de zon in huis, nu ben je de zon in ons hart
  81. Eenvoudig en oprecht vol goedheid was uw leven, uw edel hart heeft ons zoveel gegeven
  82. Eeuwig aandenken.
  83. Elk afscheid is de geboorte van een herinnering
  84. Er is de pijn om het gemis maar we hebben uw warm hart als erfenis
  85. Er is een boom geveld, hij zuchtte ruisend als een kind terwijl hij viel, nog vol zomerwind
  86. Er is een schakel die de dood niet kan verbreken, liefde en herinnering leven altijd voort
  87. Er klonk in jou een levenslied, een echte vriend vergeten wij niet
  88. Fijne herinneringen geven ons kracht
  89. Ga nooit heen zonder te groeten, ga nooit heen zonder een zoen, wie het noodlot zal ontmoeten, kan het morgen niet meer doen
  90. Gaven tranen mijn kindje weer, zo had ik weldra mijn kindje mee
  91. Gedenken is: elke gedachte als een bloem schikken tot een ruiker van herinneringen
  92. Geen geluk hier beneden is groot genoeg om het verlies van ons kind te vergoeden
  93. Geen schat op aarde is groot genoeg om jou te vervangen.
  94. Geen tranen of woorden kunnen zeggen hoezeer we je missen
  95. Groot is het verlies, beperkt zijn onze woorden
  96. Groot is onze (mijn) smart, toch leef je voort in ons (mijn) hart
  97. Haar (zijn) hart was ruim en goed met een gulle lach naar het leven.
  98. Heel bijzonder, heel gewoon, gewoon een heel bijzonder persoon...
  99. Heengaan doet verdriet maar toch vergeten wij elkander niet
  100. Het enige wat je ons hebt aangedaan is dat je te vroeg van ons bent heengegaan
  101. Het geluk is van glas, juist als het eindelijk glanst, breekt het stuk
  102. Het is ons geleend, de vele mooie dingen, ons eeuwig bezit zijn de herinneringen.
  103. Het is stil in huis nu jij er niet meer bent
  104. Het leed haar (hem) te hebben verloren mag ons niet doen vergeten, het geluk haar (hem) gekend te hebben
  105. Het leven duurt één generatie, een goede moeder (vader) is eeuwig
  106. Het leven geeft, de dood neemt, herinneringen blijven
  107. Het leven is een (lange) weg die te vroeg eindigt
  108. Het leven is een strijden, hier eindigt alle lijden
  109. Het leven is slechts een knipoog in de tijd, daarna zijn we allen samen, voor altijd
  110. Het leven mooi was met jou, het wordt moeilijk zonder jou.
  111. Het leven van een mens is als een kaars in de wind
  112. Het verdriet verdwijnt, de liefde leeft voort
  113. Hij was beste aller vaders, hij ruste in vrede
  114. Hoe eerbaar edel fijn, kon toch mijn.... zijn
  115. Hoe kan het leven, dat zo zonnig was, opeens zo droef en donker worden.
  116. Hoe mooier de herinnering, hoe pijnlijker is ons verdriet. We danken je voor wie je was en wat je in ons achterliet
  117. Hoe zal ik het leven verdragen, nu jij mij bent ontnomen
  118. Ik ga door droefheid fel gebukt sinds jij van mij bent weggerukt
  119. Ik heb helaas op aarde niets meer, dan uw zoet aandenken
  120. Ik huil om jou ook als ik lach. Het gemis dat blijft echt iedere dag
  121. In een zee van liefde geboren, op golven van liefde gestorven
  122. In hart en geest ben jij nabij, en toch blijf jij het allermooiste in mij
  123. In het boek des leven is het eind niet beschreven
  124. In het gevoel van nooit vergeten, vind ik parels van je liefde weer
  125. In ons hart en gedachten blijf je bij ons
  126. In ontelbare mooie herinneringen blijf je voor altijd bij ons
  127. In stil verdriet, ‘k vergeet je niet
  128. Jaren zijn voorbij gegleden, toch weten wij beslist, jij wordt nog zo vaak gemist
  129. Je beseft pas in de avond, hoe mooi de dag is geweest
  130. Je liefde was steeds een gouden moment in ons leven
  131. Je taak is volbracht, onze onderlinge liefde zal blijven
  132. Je vriendschap en gezelligheid blijft in ons leven, ‘t is de leegte eromheen die verdriet blijft geven
  133. Je warm hart is nu stil, maar de liefde die jij ons gaf, vergeten wij nooit
  134. Je was als een kaars vol licht, warmte en gezelligheid, die nu is opgebrand, doch jouw uitstraling zal blijven tot in eeuwigheid
  135. Je was bij ons, je bent er nog
  136. Je was er altijd, je was er heel veel, je was er voor iedereen, en nooit teveel
  137. Je was voor ons een schat en leeft voort in ons gebroken hart
  138. Je was zo goed, wie je gekend heeft vergeet je nooit
  139. Je woorden dragen verder... je handen geven voort...
  140. Jij die mij (ons) zo lief was, bent heengegaan ondanks mijn (onze) gebeden
  141. Jij die mij zo lief was, bent heengegaan ondanks mijn gebeden
  142. Jij was ons nauwelijks gegeven of men ontnam je reeds het leven
  143. Jij was ons verdriet en troost, ons gesprek, ons lied. Voor altijd dachten we, maar zo was het niet
  144. Jij was, o lieveling, mijn schat mijn al, die ik nooit vergeten zal
  145. Jou vergeten kunnen wij niet, wij leven verder met een stil verdriet
  146. Jouw leven was mijn hele bestaan, Hoe kan ik nu verdergaan
  147. Jouw leven was zo heel gewoon maar juist daarom zo echt en schoon 
  148. Kille aarde jij verbergt voor altijd onze schat
  149. Konden onze gedachten jou doen herleven, jij was altijd bij ons gebleven
  150. Leven is als sneeuw, je kunt het niet bewaren. Troost is dat je er was, uren, maanden, jaren
  151. Leven is: vast willen houden en toch los moeten laten.
  152. Leven zonder jou kent geen vreugde
  153. Lief dochtertje (zoontje) o rusteloos ijdel leven, niemand kan jou ons teruggeven
  154. Liefde en geluk kon niet stuk, je was als een zon die nimmer doven kon
  155. Lieve vader (moeder), wij danken u voor dit mooie leven. Wij kunnen jou niets meer geven maar jij gaf ons veel om verder te leven
  156. Lieve... goed waart gij, onvergeten blijft gij
  157. Lieve... ik vergeten (wij vergeten) u nooit
  158. Lieve... jij was voor mij (ons) de zon, de vreugde
  159. Lieve... mag ik nooit uw beeltenis bederven
  160. Lieve... rust zacht in deze kille grond
  161. Lieve... u vergeten zullen wij nooit
  162. Lieve... uw aandenken blijft ons immer bij
  163. Lieve... uw beeld blijft in mijn (ons) hart bewaard
  164. Lieve... uw hart was als een bloem die de stralen van de zon ving
  165. Lieve... uw leven was mijn (ons) licht
  166. Lieve... uw scheiden baart diepe smart
  167. Lieve... voor mij (ons) blijf je steeds het hoogste, het edelste
  168. Lieve... voor u zijn mijn gedachten van elke dag
  169. Maakt geen gerucht rond dit graf, ons kind is niet dood, het slaapt
  170. Met diepe dankbaarheid denken wij aan u terug
  171. Met jouw beeld in mijn hart vind ik troost in mijn smart
  172. Mijn... hij (zij) was rechtvaardigheid in woord en daad
  173. Mijn... hij was mijn vriend in vreugd en leed
  174. Moeders gaan maar sterven niet, ze leven om liefde te geven
  175. Mooi zijn de herinneringen die blijven
  176. Naar liefde en plicht was uw leven gericht
  177. Nachtegaal, wanneer je rond dit graf vliegt, zingt dan voor hem (haar) jou mooiste lied
  178. Niemand weet hoeveel we van je houden, en van jou blijven houden
  179. Niets kan de leegte van een afwezigheid vullen, maar dankbaarheid verandert de pijn der herinnering in stille vreugde
  180. Nooit meer worden de dagen als voorheen, veel te vroeg ging je van ons heen
  181. Nooit vragend, nooit klagend, alles voor zichzelf dragend, heeft hij veel voor ons gedaan
  182. Nu heb jij je ogen gesloten rustig en stil, zoals je van ‘t leven hebt genoten
  183. Nu jouw levenswind is geluwd, zalven de mooie herinneringen onze wonde en bittere pijn
  184. Nu tel en omhels ik die intense momenten die we samen deelden
  185. Nu we je liefde moeten derven, proberen we een grijze hemel blauw te verven
  186. O wrede dood, waarom haar (hem) ontnomen, die ons het leven heeft gegeven
  187. O wrede dood, waarom hem (haar) ontnomen die mij (ons) zo dierbaar was
  188. Om je heengaan treuren wij, om wat je was zeggen wij dank
  189. Ons zonnetje in huis is achter de wolken verdwenen, maar jouw warmte zullen wij altijd blijven voelen
  190. Onze wegen zijn gescheiden, maar onze harten blijven samen
  191. Ook al ben je van ons heengegaan, jij zult als de mooiste regenboog hoog aan de hemel staan
  192. Opeens stond de wereld even stil, deze zal nooit meer dezelfde zijn
  193. Opgetild tot boven regenbogen, blijf je een synoniem van liefde
  194. Overgoed waart gij, onvergeten blijft gij
  195. Plots ging je heen, onuitsprekelijk verdriet, vergeten zullen we je niet.
  196. Rust (zacht) lief engeltje
  197. Rust in vrede in uw sombere woonst, voor mij is er op aarde geen geluk meer
  198. Rust in vrede.
  199. Rust zacht in deze kille grond.
  200. Rust zacht lief kindje
  201. Rust zacht lieve...
  202. Slaap zacht je hebt het verdiend, je vocht tot aan je laatste zucht
  203. Slaap zacht, o moeder (vader) lief in deze kille grond
  204. Soms zou ik willen dat gisteren nooit voorbij ging, omdat vandaag alles zo anders is
  205. Sporen in het zand, het tij dat keert, verdwenen voetstappen, blijvende herinneringen
  206. Steeds waren wij blij een moeder (vader) te hebben zoals jij
  207. Sterven is geen afscheid nemen van het leven, wel van de tijd.
  208. Te kort was je aardse leven, maar eeuwig blijf je in ons gedachten verderleven
  209. Te vroeg ben je ons ontnomen, in ons hart blijf je altijd wonen
  210. Te vroeg ben je van ons heengegaan, doch in ons hart blijf je bestaan
  211. Te vroeg ben jij ons ontnomen, in ons hart blijf je altijd wonen
  212. Te vroeg viel stil uw levensreis, doch was God wil is wijs
  213. Tedere bloem, nauwelijks ontloken, waarom reeds van uw tak gebroken
  214. Toen de dood je leven nam, begrepen wij welk leed ons overkwam
  215. Toen je zei: 'Eens komt de dag dat ik jullie moet verlaten', wist ik niet dat die dag zo dichtbij was
  216. Tranen kunnen ons verdriet niet doven
  217. Treurend om je heengaan, dankbaar om wat je was
  218. Uit ons midden maar niet vergeten
  219. Uw aandenken blijft ons immer bij
  220. Uw beeld blijft in ons (mijn) hart bewaard
  221. Uw beeld blijft in ons hart bewaard
  222. Uw goedheid blijven wij in ons hart dragen
  223. Uw handen hebben voor ons gewerkt, uw hart heeft voor ons geklopt, uw ogen hebben ons tot het laatst gezocht
  224. Uw hart was als een bloem die de stralen van de zon ving
  225. Uw heengaan voelen wij zo aan, in ons hart blijf je altijd bestaan
  226. Uw kinderen, (kleinkinderen) vergeten u nooit
  227. Uw kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen vergeten u nooit
  228. Uw laatste woord hebben wij niet meer gehoord, maar uw beeld leeft ongestoord in ons hart minzaam voort
  229. Uw leven brak als een roos in de storm maar uw gedachtenis blijft dankbaar in ons hart bewaard
  230. Uw leven was als graan op de velden, het bracht overvloedig vruchten voort
  231. Uw plaats is ledig rond de haard maar uw beeld blijft in ons hart bewaard
  232. Uw vriendschap zal in ons hart blijven voortleven
  233. Van het concert van het leven, krijgt niemand een programma
  234. Veel fijne herinneringen verzachten ons verdriet
  235. Verder leven in het hart van hen die je liefhebt, is nooit sterven
  236. Vergeet de mooie dagen niet
  237. Verhuizen aan het eind van ’t leven is gaan en alles laten staan
  238. Voor al de liefde en trouw die ik had van jou
  239. Voor altijd op een speciale plaats in ons hart
  240. Voor de wereld was hij slechts die ene, voor ons was hij de hele wereld
  241. Voor elk moment (mooi uur) waarop je ons hebt blij gemaakt zeggen we dank
  242. Voor elk mooi uur dat je ons hebt blij gemaakt zeggen we dank
  243. Voor heel de wereld was hij een vriend, voor ons was hij de hele wereld
  244. Voor mij de zorgen en kwellingen van deze aarde
  245. Voor ons blijf je hier, diep in ons hart
  246. Voor U zijn onze gedachten van elke dag
  247. Voorbij de wolk van mijn verdriet, licht jouw gelaat soms even op
  248. Voorgoed uit ons midden, maar altijd in ons hart
  249. Waar de zon de hemel raakt, en een lijn getrokken wordt tussen blauw van zee en lucht, daar ben je gebleven
  250. Waar je ook bent heengegaan, in ons hart blijf je voortbestaan
  251. Waarom jij? We zullen het nooit weten, we zullen je missen maar nooit vergeten
  252. Wanneer je doodgaat hoef je niet te sterven, als er maar mensen je warmte en liefde erven
  253. Wanneer je verdrietig bent, blik dan opnieuw in je hart en je zult zien dat je weent om wat je vreugde schonk
  254. Wat het leven heeft verenigd, kan de dood niet scheiden
  255. Wat ons ogen niet meer zien, blijft ons hart voelen
  256. Wat op liefde is gebouwd, vergaat niet.
  257. We danken je voor wie je was en wat je in ons achterliet
  258. We missen je elke dag in kleine eenvoudige dingen, maar in ons hart blijf je immer bij ons
  259. We missen uw diepe goedheid maar bewaren uw warmte in ons hart
  260. We weten dat het leven verdergaat, maar jouw luisterend oor en wijze raad missen we elke dag
  261. We weten dat je op ons wacht, en met mooie herinneringen in onze gedachten, wordt onze pijn een beetje verzacht
  262. We zullen je missen in dit leven, maar altijd om jou blijven geven
  263. We zullen je missen, elke dag, maar in ons hart zal je blijven bestaan
  264. We zullen je missen, maar in ons hart zal je met ons samen blijven.
  265. Weet dat onze tranen een zee vormen van mooie herinneringen aan jou
  266. Weinig nemen en veel geven, geslaagd ben je in je leven, je hebt ons een goed voorbeeld gegeven
  267. Weinig nemen en veel geven, geslaagd ben je in je leven. Je hebt ons een goed voorbeeld gegeven
  268. Wie in gedachten leeft die is niet dood, dood is alleen die vergeten wordt
  269. Wie je gekend heeft vergeet je nooit
  270. Wie voortleeft in het hart van de zijnen, kan nooit uit het leven verdwijnen
  271. Wij die achterblijven vergeten je nooit
  272. Wij hadden jou zo graag in ons midden
  273. Wij zullen je nooit vergeten
  274. Woorden voor zoveel verdriet zijn er niet
  275. Ze zeggen dat het went, maar niemand zegt wanneer
  276. Zij (Hij) bewaarde altijd de moed om het beste van zichzelf te geven.
  277. Zij was de beste aller moeders, zij ruste in vrede
  278. Zijn (haar) werk, zijn (haar) kracht, zijn (haar) interesse voor het leven, hij (zij) heeft er alles voor gegeven.
  279. Zo dicht bij, maar aan de andere kant ook zo ver weg
  280. Zo lief, zo klein, zo mooi, zo fijn, zo zal je altijd in onze gedachten zijn
  281. Zoals de zon dankbaar is voor de warmte zijn wij dankbaar voor de goedheid die jij ons gaf
  282. Zoals gisteren eens was, zal morgen nooit meer zijn
  283. Zoals hij (zij) leefde is hij (zij) heengegaan, eenvoudig en tevreden
  284. Zoveel sterren aan de hemel, zoveel liefde hebben wij van jou gekregen
  285. Zoveel verdriet, nu rest ons warm en gelukkig, de herinnering aan jou.
  286. Zoveel wilde je nog doen, zoveel wilde je nog leren, zoveel wilde je nog ontdekken en nu is je weg al ten einde.
  287. ‘s Morgens was je er nog, ‘s avonds niet meer, wij blijven steeds aan je denken elke keer weer